Chokehendel (afb. 20)
De chokehendel (1) dient om te starten met een koude
A
motor en meer benzine toe te voeren voor een groter
stationair toerental.
Standen van de chokehendel:
A – niet geactiveerd;
B – volledig geactiveerd.
B
De hendel kan op tussenstanden worden gezet om de
NL
1
motor geleidelijk aan warm te laten lopen (zie pag. 51).
Belangrijk
Gebruik de chokehendel niet als de motor warm is.
Niet rijden met ingeschakelde choke.
afb. 20
27