Laadtoestand van de accu
controleren
De laadindicator (
stand van de accu (
Druk op de toets van de laadindicator
(
21) op de bovenste stang.
De laadtoestand van de accu wordt aan-
geduid met de daartoe voorziene LED's
die beginnen te branden.
Drie LED's branden (rood, oranje en
groen): accu geladen
Twee LED's branden (rood en oranje):
accu gedeeltelijk geladen
Eén LED brandt (rood):
accu moet worden geladen
Werken met de grasmaaier
Houd rekening met de geluidshin-
der en de lokale voorschriften.
Regelmatig maaien stimuleert de bladvor-
ming van het gras en doet tegelijkertijd
onkruid afsterven. Zo krijgt het gazon na
elke maaibeurt grotere densiteit en ontstaat
een gazon dat gelijkmatig tegen belasting
bestand is.
De eerste maaibeurt gebeurt ongeveer in
april bij een grashoogte van 70-80 mm. In
de groeiperiode wordt het gras minstens
eenmaal per week gemaaid.
• Beweeg het apparaat in wandeltempo
in zo recht mogelijke banen. Om
naadloze banen te maaien, moeten de
banen elkaar steeds enkele centimeters
overlappen.
• Kies een gepaste maaihoogte, zodat
het apparaat niet wordt overbelast. An-
22) geeft de laadtoe-
9) aan.
ders kan de motor beschadigd raken.
• Werk op een helling steeds in dwars-
richting. Ga uiterst voorzichtig te werk
tijdens het achteruit stappen en het
trekken van het apparaat.
• Reinig het apparaat na elk gebruik,
zoals beschreven in hoofdstuk „Reini-
ging/onderhoud".
Nadat het apparaat is uit-
geschakeld, draait het mes
nog enkele seconden verder.
Raak het draaiende mes niet
aan. Er bestaat een risico op
verwondingen.
Reiniging/onderhoud
Laat werkzaamheden die
niet in deze handleiding zijn
beschreven, uitvoeren door
een door ons goedgekeurd
servicebedrijf. Gebruik uit-
sluitend originele onderde-
len.
Draag handschoenen als u het mes
hanteert.
Schakel het apparaat uit, trek de
contactsleutel uit (
tot het mes tot stilstand is gekomen.
Algemene reiniging en
onderhoud
Spuit het apparaat niet
schoon met water. Er bestaat
gevaar op elektrische schok.
• Houd het apparaat steeds schoon.
Gebruik voor het reinigen een borstel
of doek maar geen reinigings- of oplos-
middelen.
NL
BE
10) en wacht
71