Kookstand
6 - 9
DE KOOKZONE SELECTEREN
Raak om de kookzone in te stellen het sensorveld
aan
dat bij de zone hoort. Het display toont de
aanduiding van de kookstand (
DE KOOKSTAND
Stel de kookzone in.
aanraken om te verhogen.
verlagen. Raak
en
kookzone uit te schakelen.
POWERBOOST
Deze functie maakt meer vermogen beschikbaar
voor de inductiekookzones. De functie kan slechts
een beperkte tijd voor de inductiekookzone worden
ingeschakeld. Daarna wordt de inductiekookzone
automatisch teruggeschakeld naar de hoogste
kookstand.
Zie het hoofdstuk 'Technische
gegevens'.
Om de functie voor een kookzone te
activeren: stel eerst de kookzone in en stel dan de
maximale warmteinstelling in. Raak
gaat branden.
Om de functie uit te schakelen: Raak
VERGRENDELEN
U kunt het bedieningspaneel vergrendelen terwijl
de kookzones in werking zijn. Hiermee wordt
voorkomen dat de kookstand per ongeluk wordt
veranderd.
Stel eerst de kookstand in.
Om de functie in te schakelen: raak
gaat gedurende 4 seconden aan.
Om de functie uit te schakelen: raak
De vorige kookstand gaat aan.
Als u de kookplaat uitzet, stopt u deze
functie ook.
De kookplaat wordt
uitgeschakeld na
1,5 uur
).
aanraken om te
tegelijkertijd aan om de
aan tot
aan.
aan.
aan.
KINDERBEVEILIGINGSINRICHTING
Deze functie voorkomt dat de kookplaat onbedoeld
wordt gebruikt.
De functie inschakelen: schakel de kookplaat in
met
. Stel geen kookstand in. Raak
seconden aan.
gaat aan. Schakel de kookplaat
uit met
.
De functie uitschakelen: schakel de kookplaat in
met
. Stel geen kookstand in. Raak
seconden aan.
gaat aan. Schakel de kookplaat
uit met
.
De functie gedurende één kooksessie
onderdrukken: zet de kookplaat aan met
gaat aan. Raak
4 seconden aan. Stel de
kookstand in binnen 10 seconden. U kunt de
kookplaat bedienen. Als u de kookplaat uitschakelt
met
, treedt de functie weer in werking.
VERMOGENSBEHEER
•
Alle kookzones zijn aangesloten op één fase. Zie
afbeelding.
•
De functie wordt geactiveerd als de totale
elektriciteitslading van de kookzones de
maximale elektriciteitslading van de fase
overschrijdt.
•
De functie verdeelt het vermogen tussen de
kookzones.
•
De functie verlaagt het vermogen naar de
andere kookzones.
•
De weergave van de warmte-instelling van de
verlaagde zones wisselt af tussen de gekozen
warmte-instelling en de verlaagde warmte-
instelling. Na enige tijd blijft de weergave van de
warmte-instelling van de verlaagde zones op de
verlaagde warmtestand staan.
4
4
.
9