NEDERLANDS
Energiebesparende modus
Als er geen activiteit plaatsvindt op de loopband binnen 10 minuten
zal de loopband in een energiebesparende modus gaan. U kunt het
systeem uit deze modus halen door ergens op te drukken.
Uitschakelen
Om de loopband langer mee te laten gaan moet u eerst op de STOP
knop drukken. Daarna drukt u de schakelaar uit. Verwijder nu de stekker
en als laatste de veiligheidssleutel. Door direct de veiligheidssleutel uit
te trekken blijft er onnodig spanning op het toestel staan.
TRAININGSRICHTLIJNEN (FIG. C, 1-5)
Een succesvol trainingsprogramma bestaat uit een warming-up, de
training zelf en een cooling down. Voer de hele training minstens twee,
maar bij voorkeur drie keer per week uit en houdt één dag rust tussen
de trainingen. Na enkele maanden kan de trainingsintensiteit worden
verhoogd tot bijvoorbeeld vier of vijf keer per week.
Warming-up
Het doel van een warming-up is dat het lichaam voorbereid wordt op
een training en het verminderd de kans op blessures. Warm het
lichaam op in twee tot vijf minuten voordat er met een cardio- of
krachttraining begonnen wordt. Doe oefeningen die de hartslag
verhogen en de werkende spieren opwarmen. Voorbeelden van dit
soort activiteiten zijn: vlot lopen, joggen, jumping jacks, touwtje
springen en rennen op de plaats.
Stretchen
Stretchen terwijl spieren warm zijn, is zeer belangrijk na een goede
warming-up en cooling-down. Het vermindert de kans op blessures.
Stretchoefeningen dienen gedurende 15 tot 30 seconden worden
vastgehouden. Voorbeelden van stretchoefeningen zijn:
•
Toe touch (Fig. C-1)
•
Inner thight stretch (Fig. C-2)
•
Hamstring stretch (Fig. C-3)
•
Achilles stretch (Fig. C-4)
•
Side stretch (Fig. C-5)
Cooling-down
Het doel van de cooling-down is het lichaam aan het einde van de
training terug te brengen naar de (bijna) normale ruststand. Een
goede cooling-down vermindert langzaam uw hartslag en bevordert
het herstel.
27