Télécharger Imprimer la page

Hilti PR 3 Mode D'emploi page 84

Masquer les pouces Voir aussi pour PR 3:

Publicité

Les langues disponibles
  • FR

Les langues disponibles

  • FRANÇAIS, page 28
3.
Om de gespecificeerde nauwkeurigheid te berei-
ken, moet het apparaat op een horizontaal vlak
worden gepositioneerd resp. overeenkomstig nauw-
keurig op het statief of andere toebehoren worden
gemonteerd.
4.
Druk op de aan/uit-toets.
Na de nivellering projecteert het apparaat een vaste
laserstraal loodrecht naar beneden. Deze gepro-
jecteerde punt is het referentiepunt en dient ter
positionering van het apparaat.
5.
Druk de rotatietoets in om de straal in het gehele
rotatievlak te zien.
6.
Met de toetsen + en − van de afstandsbediening
kan de verticale rotatiestraal met maximaal 5° naar
links en rechts bewegen.
7.3 Werken met hellingen
nl
AANWIJZING
Voor optimale resultaten is het nuttig de uitrichting van
de PR 3 te controleren. Dit gebeurt het beste door 2
punten, ieder 5 m (16 ft) links en rechts van het apparaat,
maar parallel op de apparaatas, te kiezen. De hoogte van
het genivelleerde horizontale vlak markeren, dan na de
hellingshoek de hoogten markeren. Alleen wanneer deze
hoogten op beide punten identiek zijn, is de uitrichting
van het apparaat geoptimaliseerd.
7.3.1 Hellingshoek handmatig instellen
1.
Houd de aan-/uitschakelaar bij het inschakelen min-
stens 8 seconden ingedrukt om de hellingfunctie in
te schakelen.
2.
Na 8 seconden brandt de LED hellingfunctie con-
stant en is de hellingfunctie ingeschakeld.
3.
Laat de toets los.
4.
Het horizontale vlak wordt nu niet meer gecontro-
leerd.
5.
Na de nivellering begint de rotatielaser te draaien.
6.
Druk de + of − toets van de afstandsbediening in,
om het vlak te kantelen. Als alternatief kan ook een
hellingsadapter (toebehoren) worden gebruikt.
7.
Om naar de standaardmodus terug te keren moet u
het apparaat uitschakelen en weer opnieuw starten.
7.3.2 Hellingshoek met behulp van de
hellingadapter PRA 76/78 instellen
AANWIJZING
De hellingadapter moet correct tussen het statief en het
apparaat gemonteerd zijn (zie handleiding in het appa-
raat).
80
7.4 Werken met de PRA 2 afstandsbediening
De afstandsbediening PRA 2 vergemakkelijkt het werken
met de rotatielaser en is nodig om enige functies van het
apparaat te kunnen gebruiken.
7.4.1 Rotatiesnelheid kiezen (omwentelingen per
minuut)
Na het inschakelen start de rotatielaser altijd met 300
omwentelingen per minuut. Bij een langzamere rotatie-
snelheid kan de laserstraal echter aanmerkelijk lichter
zijn. Met een snellere rotatiesnelheid wordt de laserstraal
stabieler. Door meerdere keren op de rotatiesnelheid-
toets te drukken verandert de snelheid van 300/min naar
600/min naar 1500/min.
7.4.2 Lijnfunctie
Door indrukken van de lijnfunctietoets van de afstands-
bediening kan het bereik van de laserstraal tot een lijn
gereduceerd worden. Daardoor is de zichtbaarheid van
de laserstraal aanmerkelijk groter. Door meerdere malen
indrukken van de lijnfunctietoets kan de lengte van de
lijn gewijzigd worden. De lengte van de lijn hangt af van
de afstand van de laser tot de wand/het oppervlak. De
laserlijn kan met de richtingstoetsen (rechts/links) naar
believen verschoven worden.
7.5 Deactivering schokwaarschuwingssysteem
1.
Houd de aan-/uitschakelaar bij het inschakelen min-
stens 4 seconden ingedrukt
2.
Het constant branden van de LED schokwaarschu-
wing geeft aan dat de functie gedeactiveerd is.
3.
Laat de aan-/uitschakelaar los.
4.
Om naar de standaardmodus terug te keren moet u
het apparaat uitschakelen en weer opnieuw starten.
7.6 Werken met de laserontvanger (toebehoren)
Voor afstanden tot 150 m (492 ft) of bij ongunstige licht-
verhoudingen kan de ontvanger gebruikt worden. De
aanduiding van de laserstraal vindt optisch en akoestisch
plaats.
AANWIJZING
Meer informatie vindt u in de handleiding van de laser-
ontvanger.

Publicité

loading