Bepaal de positie van de afzuigkap centraal
boven het kookgedeelte in overeenstemming met
de aangegeven veiligheidsafstanden.
Voor de wandmontage zijn in totaal 9x montagegaten
met een diameter van ca. 8 mm nodig. Breng de
meegeleverde pluggen [08] aan.
Markeer de gaten die nodig zijn voor de wand-
montage zoals aangegeven op de tekening.
Geef eerst de uitschuiflengte van het schachtaf-
dekking aan voor de positie van de beugel [04]
aan het bovenste schachtsluiting. Controleer de
markeringen met een waterpas!
Bevestig de beugel [05] voor de behuizing met
drie schroeven ST4x30mm [09] en de beugels
[03] en [04] op de voorgemarkeerde posities, elk
met twee schroeven ST4x30mm [09].
Voordat de behuizing wordt opgehangen, moeten
de terugslagkleppen [07] door ze van bovenaf
licht te buigen op het luchtafvoerkanaal worden
geplaatst.
Voor de extractiemodus:
luchtafvoerslang (leveringsomvang) met een binnen-
diameter van 150 mm worden bevestigd (zo nodig
met kabelbinders).
Hang de behuizing aan de beugel [05]. Controleer
of de behuizing goed vastzit en horizontaal staat.
Draai de schroeven ST4x30mm [09] door de be-
huizing vast.
Voor de extractiemodus:
van de afvoerslang en sluit deze aan op de luchtuit-
laat.
hieraan moet een flexibele
Controleer de juiste positie
Zet de geneste schachteenheid op zijn plaats en
zet de onderste schacht vast met de beugel [03].
Trek de binnenste schacht omhoog en zet het
schachtafdekking met de behuizing en de houder
[04] zijdelings vast door telkens twee schroeven
ST3x10mm [10] in te draaien.
Installeren van het actieve koolstoffilter voor recircu-
latiemodus
Open de vetfilterafdekking. Verwijder het (de)
aluminium vetfilter(s) (zie
minium vetfilter"
Plaats het koolstoffilter op de aanzzuigopening
van het luchtafvoerkanaal. Zorg ervoor dat de
montagepennen op het afvoerkanaal in de mon-
tagesleuven van het koolstoffilter grijpen. Draai
het filter met de klok mee tot het vastklikt.
Installeer het (de) aluminium vetfilter(s) opnieuw.
Sluit de afdekking.
Elektrische aansluiting
WAARSCHUWING:
De installatie op het lichtnet moet aan de lokale
normen en voorschriften voldoen.
Een verkeerde aansluiting kan tot een elektrische
schok leiden!
Pas de stekker van het apparaat niet aan. Als de
stekker niet goed op het stopcontact past, laat
een gekwalificeerde elektricien dan een correct
stopcontact installeren.
De bereikbaarheid van de stekker moet worden
gegarandeerd om in een noodgeval het apparaat
van het stopcontact los te kunnen koppelen.
21
"Reinigen van het alu-
).